Mijn moeder zegt dat ik er dan ook maar een paar stukjes over moet schrijven.
Ik ben op Lowlands. Camping twee is nagenoeg leeg, met uitzondering van mijn tent. Wij waren de eersten. Wij hoefden niet in de rij te staan.
Om mijn arm prijkt een fel geel "press/guest" bandje. Als ik door mijn wimperharen kijk dan geeft het licht. Ik ben gelukkig.
Ik kan niet schrijven over geluk.
Als ik mijn trui half over mijn bandje schuif zie je alleen de woorden "guest". Ik zette dat weekend geen letter op papier.
Een maand later sta ik op Centraal. In de Etos verkopen ze mascara met een dramatische look. Ik word er vrolijk van. Ik ben een wandelende marketingtarget, met liefde voor goed gespatieerde zinnen, passend fotomateriaal en krachtige kleuren. Twee minuten later sta ik buiten. De donkere sporen maken de ramen van de trein bijzonder geschikt om je ogen in op te maken.
Langs het spoor staan nieuwbouwhuizen waarin ik niet wil wonen. Een patroon van ramen, voordeuren en voortuintjes trekt aan me voorbij, met als afwisseling twee tuinstoelen of een fiets. Groen gras, rechte straten, alleen de letters van de folder ontbreken nog.
Mijn jasje is nat van de regen en ruikt muf. Ik ben op weg naar het goede evenement. Iets met boeken.
W. is groot schrijver en ik ben zijn PA. Dat hebben we ooit eens gezegd omdat mensen dan geen vragen meer stellen. Totdat een meisje mij herkende van foto's en vroeg of ik zijn uitgever was. En zij mij ondanks het ontkennen trots ging overhoren over zijn laatst geboekte successen en ik er niets nuttigs over kon zeggen. Helemaal niets.
In de tent met de uitgeverijen die veel geld hebben kennen we helemaal niemand. Kook- en hobbyboeken zijn ook boeken. Ik was het even vergeten.
De man die bij de deur van de tent staat vertelt ons dat Joost Zwagerman iets doet om vijf uur. W. knikt. Twee mannen in witte pakken die op ons af komen lopen roepen "Vijf uur Joost Zwagerman". De speakers die verdeeld zijn over de weg spelen voor echo.
De zon is onder en de mensen zijn weg. Af en toe duikt er iemand op uit het niets die schreeuwend op ons af rent. De letters in mijn programma boekje dansen en laten me passages lezen uit 'Vals licht'. Ik wil niet meer. De wolken in de lucht waar regen uitvalt vormen zijn portret. Op de posters die er hangen staat nog maar één ding "Vijf uur Joost Zwagerman". Alle gebouwen lijken op elkaar. Ik weet niet meer waar ik heen moet.
W. trekt me aan mijn arm. Het is vijf uur. We moeten nu echt gaan.
Tien minuten later zit ik aan een biertje, hij aan een fanta. Pas om zes uur gaat de keuken open, maar dat maakt allemaal niet uit.
kortom, het was er van een gezelligheid zonder weerga, ik hoor het al!
ivo victoria (Email) (URL) - 14:45 15 September ’08Ik ben maar over die “W” aan het nadenken …
De stiftdichter (Email) (URL) - 00:19 18 September ’08…
…
Wieringa?
(en win ik nu iets?)
(een kookboek?)
W, Grote Schrijver en Fanta, dat kan er echt maar een zijn… :D
Joyce - 22:07 24 September ’08Wie was Walter?
Paul - 15:59 3 Oktober ’08